Met een draad opladen. Hoe ingewikkeld kan dat zijn?
19-03-2018, Auteur: ALBERT

We kunnen het ons bijna niet meer herinneren, maar tien jaar geleden had elke telefoon, pda, camera, mp3-speler en andere elektronica een eigen lader. Onze lades puilden uit met zwarte klompen met lange kabels. Technisch was het niet geheel onlogisch.

Voor elk elektronisch product is een optimale voeding van belang. Het nadeel was dat er een grote industrie was ontstaan met honderdduizenden verschillende laders. Laders die wij kwijtraakten en dan weer moesten bestellen. Een compleet klantonvriendelijke situatie, maar goed voor de adapter industrie en slecht voor het milieu.

USB is wereldwijd de standaard voor het opladen geworden. De USB-poort kan op een computer zitten of op een adapter die rechtsreeks in het stopcontact gaat. Helaas zijn stopcontacten wereldwijd niet gestandaardiseerd. Zelfs binnen Europa kennen we verschillende stekkers. Dus hoewel de USB-poort een standaard is, geldt dat niet voor stopcontacten. De adapter zet de stroom van het stopcontact om naar de USB-norm. USB-poorten kunnen 2 soorten spanning leveren. Lage spanning voor telefoons en hogere spanning voor bijvoorbeeld tablets. Een USB-poort die hoge spanning levert is ook geschikt voor lage spanning. Omgekeerd werkt dat niet zo. Als je dus een USB-lader hebt met een lage spanning, dan duurt het erg lang om bijvoorbeeld een iPad Pro op te laden. Moderne en vaak wat duurdere laders leveren de hoge spanning en kunnen ook producten die langzamer willen laden, ook bedienen.

Bij vrijwel elk apparaat wat via USB oplaadt zit vaak in de doos een USB-kabel. De USB kant is universeel en de kant die in het apparaat gaat kan verschillen. Micro-USB is de meest voorkomende. Apple heeft aan een USB-kabel een eigen stekkertje. De laatste jaren is dat een zogenaamde Lightning stekker. Gelukkig is de industrie nu ook de kant die in het apparaat gaat aan het standaardiseren. USB-C wint aan populariteit. Zelfs Apple is om. Dit betekent dat USB-C kabels waarschijnlijk de meeste nieuwe producten kunnen opladen.

Een kabel hoeft niet alleen voor opladen te dienen. Sommige apparaten willen graag ook met de computergegevens uitwisselen. Aan de buitenkant zie je niet het verschil tussen een USB-voedingskabel en een USB-kabel die ook data kan overdragen. Sommige fabrikanten kiezen zelfs voor kabels die specifiek voor hun product zijn gemaakt voor de data uitwisseling. TomTom, Samsung en Sony zijn merken die hier veel gebruik van maken. Een universele USB-kabel voor data en voeding kan dan soms niet werken met het betreffende product. Voor dergelijke merken is het van groot belang dat je de juiste kabel goed bewaard.

Adapters en kabels zijn niet altijd herkenbaar als specifiek voor een product of merk. Een tip is om kabeltjes en adapters met een stickertje te voorzien zodat je later altijd weet waar die ook al weer voor was.

Manu heeft een slimme adapter waardoor elke aangesloten USB kabel de juiste voeding levert aan het apparaat. Natuurlijk mits het de juiste voedingskabel is. De retro kabel die Manu levert om in het stopcontact te steken is een losse kabel. Zo is elke regio in de wereld de USB-voeding te gebruiken. Hoe universeel kan je zijn?

Een algemene tip: bezuinig niet op USB-kabels. Aan kabels wordt erg veel geld verdiend, maar een slechte kabel kan zorgen dat een apparaat slecht laadt en daardoor uiteindelijk slechter gaat presteren. Ook zijn extreem goedkope Chinese webshop kabels berucht voor kortsluiting. Wanneer een kabel of voeding slechts een paar Euro kost, moeten alle alarmbellen bij de koper afgaan.